Reacties
Bent u professional in de jeugdsector? Dan stellen wij uw reactie op dit dossier bijzonder op prijs. Uw aanvulling of opmerking kunnen uw collega’s van dienst zijn of leiden tot aanpassing van de inhoud van dit dossier.
Reageer op het dossier Effectiviteit van jeugdinterventies.
Bent u geen professional maar heeft u wel een vraag?
Reacties op het dossier Effectiviteit van jeugdinterventies
22 april 2010, ingezonden door Marian de Graaf, Senior medewerker Kenniscentrum Nederlands Jeugdinstituut
In antwoord op de bijdrage van A Geerdink. YouTurn is een basismethodiek waarmee alle justitiële jeugdinrichtingen vanaf 2010 werken. Het is een integratie en uitbreiding van het Sociaal Competentie Model (SCM) en EQUIP. WSART en MTFC zijn erkende gedragsinterventies. Over de verhouding tussen de basismethodiek en deze twee gedragsinterventies kan de dienst justitiële jeugdinrichtingen van het ministerie van justitie mogelijk meer informatie verschaffen (zie ook http://www.dji.nl/Onderwerpen/Jongeren-in-detentie/Zorg-en-begeleiding/Basismethodiek-YOUTURN ).
19 april 2010, ingezonden door A Geerdink, Pedagogisch medewerker A Lsg-Rentray
Mij is opgevallen dat De Erkenningscommissie Gedragsinterventie Justitie in maart twee gedragsinterventies heeft erkend als effectief bij delinquente jongeren. Washington State Aggression Replacement Training en Multidimensional Treatment Foster Care.
Zover mijn informatie strekt zijn in toenemende mate diverse instellingen de gedragsinterventiemethode YouTurn aan het invoeren en toepassen. Deze intensieve groepsmethode pakt dezelfde 3 gebieden, sociale vaardigheden ontwikkelen, boosheid onder controle krijgen en moreel redeneren aan.
YouTurn is met een grootse aanpak en uitgebreide landelijke trainingen ingevoerd en is bij ons zeer succesvol.
Is WSART in toepassing wezenlijk verschillend van methodiek of gaan we het wiel nogmaals opnieuw uitvinden?
18 januari 2010, ingezonden door Femke Romeijn, Coördinerend begeleider Philadelphia
Voor mijn studie SPH doe ik onderzoek naar de evaluatie van de effectiviteit van de Sociale Vaardigheidstraining. Ik ben benieuwd wat de rol van de sociaal agoog hierin is. Heeft iemand hier antwoord op? Alvast bedankt!
11 december 2009, ingezonden door Gert van den Berg, senior medewerker Kenniscentrum Nederlands Jeugdinstituut
In antwoord op bijdrage Germie van den Berg.
De term 'bewijskracht' wordt uitsluitend gebruikt voor onderzoek en niet voor interventies. De mate van bewijskracht hangt af van het design en de uitvoering van een onderzoek. Zie daarvoor de webpagina Classificatie bij de databank Effectieve Jeugdinterventies.
De criteria voor de niveaus II en III ('waarschijnlijk effectief' en 'bewezen effectief') zijn pas in het afgelopen voorjaar vastgesteld. De Erkenningscommissie werkt er sinds juni mee. Vanaf dat moment worden interventies ook beoordeeld aan de hand van het onderzoek dat er naar gedaan is. Voordien keek de commissie alleen of een interventie 'theoretisch goed onderbouwd' was. Daarom staat er op dit moment maar één interventie in de databank die beoordeeld als 'waarschijnlijk effectief'. Alle interventies die in de databank staan, zullen de komende jaren opnieuw beoordeeld worden aan de hand van de criteria voor niveau I, II en III.
10 december 2009, ingezonden door Germie van den Berg, Hoofd Kwaliteit en Effectiviteit Altra
Waarom hebben de 8 interventies in de databank met zeer sterke bewijskracht niet alle 8 de kwalificatie 'waarschijnlijk effectief'? Slechts 1 heeft deze kwalificatie op niveau III (moeder-baby-interventie), de andere 7 hebben de kwalitficatie op niveau II 'theoretisch goed onderbouwd'. Volgens de beoordelingscriteria gaat een interventie van II naar II als er onderzoeken zijn met tenminste matige bewijskracht (en natuurlijk positieve effecten).
30 september 2009, ingezonden door Mariska van der Steege en Tom van Yperen, Nederlands Jeugdinstituut
Algemeen werkzame (niet-specifieke) factoren zijn zeker van belang. Wij zien interventies als ‘verpakkingen’ van twee soorten factoren
• Algemeen werkzame factoren. Zo bevat IPT handvatten voor hoe aan te sluiten bij de gezinsleden, hoe hen te motiveren en hoe gezamenlijk tot doelen te komen. Ook helpen interventies om professionaliteit van medewerkers in de jeugdzorg te vergroten. Allemaal algemeen werkzame factoren.
• Specifiek werkzame factoren. Deze verpakken de belangrijkste do’s en dont’s bij specifieke doelgroepen. Ze geven handvatten voor handelen en zijn overdraagbaar doordat ze expliciet zijn gemaakt.
Erkende interventies zijn te zien als goede voorbeelden van verpakkingen van dit soort factoren. Het NJi maakt overzichten van algemeen en de specifiek werkzame factoren die in interventies vaak verpakt zijn (zie dit dossier onder ‘Wat werkt’). Implementatie van dit soort kennis helpt de kwaliteit van de hulp algemeen en specifiek bij doelgroepen te bevorderen.
28 september 2009, ingezonden door daan wienke, associate lector Hogeschool in Holland (social work)
allemaal waar en belangrijk, de zoektocht naar optimalisering van effectiviteit, maar mijn behoefte (mede namens de praktijk naar ik verwacht) ligt óók en vooral naar verdere explicitering en beheersing van de niet specifieke factoren in de interventies. Duncan e.a. hebben immers al in de voor de jeugdzorg aanpalende sectoren aangetoond dat 90% van 'outcome' daaraan is toe te schrijven (cliëntgebonden en placebo-factoren, de therapeutische alliantie).
Bovendien stimuleert die insteek mijns inziens ook veel meer het oplossingsgerichte in plaats van het deficitaire denken.