
Bent u professional in de jeugdsector? Wij stellen uw reactie op dit dossier op prijs.
|
|
Het is niet eenduidig vast te stellen hoe gezinsvriendelijk een buurt of gemeente is. Toch zijn er prijzen en ranglijsten voor kind- en gezinsvriendelijke gemeenten. Daarbij wordt meestal gekeken hoe geschikt de omgeving is voor kinderen, en dan vooral voor jonge kinderen. Dat betekent: veel aandacht voor voldoende speelruimte en groen.
Welke aspecten van gemeenten zijn belangrijk voor de gezondheid en het welzijn van kinderen? Dat staat centraal in het project 'Kinderen in Tel' van het Verweij-Jonker Instituut. Jaarlijks stellen de onderzoekers een rapport op over bijvoorbeeld het aantal kinderen dat woont in een achterstandswijk en de hoeveelheid speelruimte in een gemeente. Daarbij zeggen de cijfers niet altijd of een gemeente het goed doet: een hoger percentage kinderen met een indicatie voor jeugdzorg duidt misschien op meer kinderen met wie het slecht gaat, maar kan ook wijzen op een betere toegankelijkheid van de jeugdzorg.
Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu toont in de 'Atlas Volksgezondheid' kaarten op basis van Kinderen in Tel. Bijvoorbeeld de hoeveelheid openbare speelruimte per gemeente.
De rijksoverheid richt zich sinds 2007 op het verbeteren van veertig zogenaamde 'aandachtswijken'. In deze wijken zijn de bewoners het minst tevreden over hun woning, voelen ze zich onveilig en ervaren ze overlast. Ook ouders vinden veiligheid belangrijk in hun wijk, zowel wat betreft de verkeerssituatie als de criminaliteit. Meer informatie hierover vindt u bij rijksbeleid en gemeentelijk beleid.
Meer informatie over de aandachtswijken vindt u op de website van de overheid.
Er bestaan nog meer ranglijsten van wijken op basis van aspecten die voor gezinnen belangrijk zijn. Het Kenniscentrum Stedelijke Vernieuwing maakte een overzicht van wijken waarvoor een aanpak is ontwikkeld door de overheid. Bijvoorbeeld om de sociale samenhang of de leefbaarheid te bevorderen. Zulke doelstellingen zijn ook belangrijk voor de gezinsvriendelijkheid van een wijk.
Op de website van het kenniscentrum vindt u het wijkoverzicht.
In een internationale vergelijking scoort Nederland het best van alle OESO-landen op het gebied van kwaliteit van de huisvesting van kinderen. Deze kwaliteit wordt gemeten aan de hand van het aantal kinderen dat in een overbevolkte omgeving woont. In Nederland woonde in 2006 slechts 10 procent van de kinderen van 0 tot 17 jaar in een 'overbevolkt huis': daarin wonen meer mensen dan dat het huis aan kamers heeft (uitgezonderd de keuken en badkamer). In Polen woonden in 2006 de meeste kinderen in een overbevolkt huis; dit geldt voor 74 procent van hen. Het OESO-gemiddelde bedraagt 30 procent (OECD 2009).
De plaatselijke milieu-omstandigheden zijn in Nederland het slechtst, in vergelijking met de andere OESO-landen. Dit wordt gemeten op basis van gegevens over lawaaierige omstandigheden thuis en in de omgeving, en over vuil, roet, vervuiling en afval rond het huis en in de omgeving. In Nederland woonde in 2006 39 procent van alle kinderen van 0 tot 17 jaar in een huis met slechte plaatselijke milieu-omstandigheden. In Australië woonde het laagste aantal kinderen (11 procent) in een huis met slechte plaatselijke milieu-omstandigheden. Het OESO-gemiddelde bedraagt 25 procent (OECD 2009).
.